Water op het land

Ik vraag het mijzelf af: ‘Wat trekt mij nu in het uitzicht over de Vughtse Gement?’ Vanuit ’s-Hertogenbosch kijk je vanaf de dijk aan de Dommel uit over het poldergebied. Tot aan de horizon zie ik weilanden, met sloten en paden ertussen.

Het is na een paar weken sneeuw en koude nu zonnig. Ik ben er met de fiets. Op weg van ’s-Hertogenbosch naar Vught. Anders dan het passerend verkeer ben ik even gestopt om goed te kijken. Of beter gezegd, om te zien.

Er is zoveel moois te zien, als je de tijd ervoor neemt.

Ik verwonder me over het water wat op de weilanden ligt. Het water wat het land niet direct kan afvoeren. Vast smeltwater van de sneeuw die ooit was.

Het water op het land is iets wat niet hoort daar. Zo resoneert het in mijn brein wat vol zit met vaste patronen. Het water zit in de weg. De beplanting kan niet groeien. De schapen niet lopen. De tractoren lopen vast. Maar het is ook zo mooi. Het is als een spiegel die de hemel doet herhalen, doet accentueren. De wind is vrijwel afwezig waardoor het water ook een spiegel kan zijn. De spiegel verdubbelt de stengels van het riet of ander gewas en maakt het uitzicht zoveel mooier dan het zou zijn in de perfecte setting. De enkele boom wordt prachtig op zijn kop geprojecteerd. De enkele wolk in de hemel drijft ook langs op de weilanden.

De natuur heeft dit zo bedacht. De mens zou willen dat het deze kracht zou bezitten. Het niet passend zijn, is de reden dat ik het ook weer enorm kan waarderen. Ik kan er naar blijven kijken. Kijken om te zien.

Andere blogs